HEIDEGEBIED                                                     
 
   HISTORIE

   Het heidegebied omvat de Havelterberg bij de N375 (de weg Havelte naar
   Frederiksoord) tot de Studentenkampweg en vanaf de Schipslootweg,
   bijna bij Wapserveen tot aan de Uffelter Es.                   
   Dit is het domein van de Bruine Vuurvlinder.  

   Door het gebied loopt de Havelterberg van onder de es bij Uffelte via
   Holtinge naar de eigenlijke Havelterberg. Bij de weg naar Frederiksoord
   eindigt het gebied. De heuvelrug loopt wel door via de Bisschopsberg (bij
   het dorp Havelterberg) naar de Woldberg, ten noorden van Steenwijk.
   Deze rug stamt uit een koudere periode in de voorlaatste ijstijd, het Saalien.
   Toen ploegde een ijstong door het dal van de huidige Wapserveense A met de opgestuwde keten
   van heuvels tot gevolg. De Havelterberg is 16 meter hoog op het hoogste punt bij de welbekende
   Hunebedden.

   Ook de laatste ijstijd, het Weichselien, heeft zijn sporen achtergelaten. Nederland was niet met ijs
   bedekt, maar was wel veranderd in een toendragebied. Eén van de overblijfselen is een prachtige
   pingo-ruïne ten noorden van Het Hunehuis: de Doeze. Een pingo is een komvormig dal met hoge
   randen. Deze is ontstaan doordat grondwater zich op het laagste punt van de omgeving
   verzamelde. Vervolgens bevroor het water in de winter en bolde op, omdat ijs meer ruimte nodig
   heeft dan water.
pingo
   Dit proces herhaalde zich iedere win-
   ter, waardoor er een enorme heuvel
   van ijs werd gevormd.
   Uiteindelijk gleed de dekgrond eraf,
   waardoor de rand om het huidige dal
   ontstond. Vervolgens vulde het dal
   zich met water na het einde van de
   ijstijd. Er ligt nog steeds een dikke
   laag veen op de bodem van het dal.
   Op de hoge randen van het dal zijn 
   sporen van vermoedelijk rendierjagers
   van de Ahrenburg cultuur gevonden.
   In het gebied van de Bisschopsberg tot
   aan Uffelte liggen heel veel graf-
   heuvels vanuit alle perioden van de
   geschiedenis. De hunebedden aan de
   noordzijde van de Havelterberg zijn de bekendste. Rechtsboven is een voorbeeld van een pingo
   weergegeven, zoals die er in de ijstijd
   heeft uitgezien.   
   Hiernaast de foto van een pingo, zoals
   die er nu uitziet: de welbekende
   Doeze. Dit is een foto van de noord-
   westrand. De cirkelvormige wal
   wordt mooi benadrukt door de rand
   van struikheide.
   Naast De Doeze zijn er aan de oostkant
   van het gebied, bij het fietspad met
   zandweg, de Studentenkampweg, ook
   enkele pingoruïnes te vinden.
   In het Weichselien vonden tevens op
   uitgebreide schaal verstuivingen plaats
   door gebrek aan vegetatie.
   Hierdoor vormden zich landduinen.
   Deze zijn vooral in het oosten en 
   noordoosten van het gebied te vinden.
   In de uitgestoven kommen staat nu
   veelal water. Ze heten dobben.


Van de meer recente historie zijn veel
sporen terug te vinden van de Tweede
Wereldoorlog in de vorm van zand- afgravingen en de aanleg van start- en
landingsbanen voor een militair vlieg-
veld. In 1944 is het vliegveld intensief gebombardeerd door de geallieerden.
Deze foto is genomen na het bombarde-
ment. De witte stippen zijn bomkraters!
Onder het midden ziet u het dorp
Havelte liggen.









   IETS OVER DE FLORA EN FAUNA.

   Door de hoogtevariatie in het terrein en doordat er keileem is afgezet, varieert de flora, soms over
   korte afstanden. De volgende habitattypen zijn onderscheiden.

     - Stuifzandheide met Struikhei                                
   Dit type omvat droge heiden op
   bovengenoemde zandduinen. In deze
   stuifzanden domineert de Struikhei
   met plaatselijk grazige vegetatie, die
   mozaïeken vormt met struikheide.
   De grassoorten bestaan uit Bochtige
   Smele en Schapengras, maar ook wel
   uit Borstelgras (Rode Lijst) en
   Tandjesgras.
   Bijzonder is dat dit type ideaal is voor
   de hier voorkomende vogelsoort
   Tapuit.
   Deze nestelt bij voorkeur in oude
   konijnenholen


                                                


- Zandverstuivingen

Hier komen de pioniers onder de
planten voor. Dit habitattype komt
voor op de overgang tussen zand-
verstuivingen en bossen of heide.
Zonder beheer groeien alle stuif-
zanden langzaam dicht  met
Schapegras, Bochtige  Smele en
Zandhaarmos.
Na deze vastlegging gaat Bochtige
Smele overheersen en gaan
plaatselijk veel Grove Dennen
kiemen.
Uiteindelijk verandert het stuifzand
in bos.


     - Vochtige heiden
   
   Dit zijn vochtige heidegemeenschappen op voedselarme, zure zand- en veenbodems.
   Dopheide is meestal de dominante soort. Hier en daar komen veel klokjesgentianen voor in de
   heidevegetatie.


     - Droge heiden

   Hier voert struikheide de boventoon.
   Dit type komt over grote oppervlakten
   voor.
   Het is hier en daar sterk vergrast door
   het pijpestrootje; soms domineert
   deze soort. Zie foto hiernaast.








    - Heischrale graslanden

   Dit habitattype omvat halfnatuurlijke graslanden op betrekkelijk zure zand- en grindbodems.
   Opvallende plantensoorten zijn: Wilde Tijm, Rozenkransje en Valkruid. Op de Havelterberg komen
   minder algemene soorten voor als Gevlekte Orchis en Echte Guldenroede.
   Zeldzame soorten zijn Knollathyrus en Fraai Hertshooi. Deze komen voor op kleine locaties
   met keileem aan de oppervlakte.



De orchis (links)
komt op veel
plaatsen voor.
Het muize-oor
is niet algemeen.
Achter de bloem
zijn nog juist de
blaadjes van de
smalle weegbree
zichtbaar.
Rechts aan de
rand van de foto
ziet u het blad
van het biggekruid.
De groeiwijze van
deze plant is
vrijwel gelijk aan het muize-oor.
Het blad lijkt
echter op die van
de paardebloem.



   Op onderstaande kaart staan de habitattypen weergegeven.

                    

   Het ideaalbeeld:

                                         

   Terug naar boven
   Terug naar homepage